Familie Moens
Gent > Haarlem / Amsterdam, 16de – 17de eeuw
Inleiding
Inleiding
Door zijn tweede huwelijk, met Elsken Moens (1600-1653), verbond Jacques de Clercq jr. (1598/’99-1661) zich aan een interessante familie.
Elskens vader Anthony Moens (1574-1638) was geboren in Gent, waar zijn vader Lieven Moens in 1583, ten tijde van de calvinistische republiek, als schepen in het stadsbestuur had gezeten. Kort daarna was de familie uitgeweken naar de Noordelijke Nederlanden, eerst naar Middelburg en tenslotte Haarlem.
In 1599 was Anthony getrouwd met Margaretha Lintgens, dochter van Pieter Lintgens, dan een van de grootste kooplieden van Amsterdam, met factoors in Middelburg, Antwerpen, Danzig, Sevilla, Lissabon en Genua. Deze grootvader van Elsken geniet nog bekendheid omdat hij bij de oprichting van de VOC in 1602 voor een recordbedrag van 105.000 gulden intekende op de aandelen. Eerder had Lintgens al deelgenomen aan expedities naar Azië; zijn zoon Aernout Lintgens ging van 1595 tot 1597 als adelborst mee op de eerste Nederlandse scheepvaart naar Oost-Indië. Van diens verblijf op Bali schreef hij een verslag, dat bewaard is gebleven en vorige eeuw werd gepubliceerd. In 1604 waren vader en zoon Lintgens in onderhandeling met de Franse koning Hendrik IV over het oprichten van een Franse Oost-Indische Compagnie. Maar door tegenwerking van de Nederlandse Staten Generaal en het overlijden van Aernout liepen deze op niets uit. Ook anderszins had Pieter Lintgens grote tegenslagen, zodat hij niet in staat bleek zijn intekening op de VOC-aandelen te doen volgen door geldstortingen en zijn inleg uiteindelijk bleef steken op een veel kleiner bedrag. Schoonzoon Anthony Moens heeft hem in deze moeilijke jaren zo veel mogelijk terzijde gestaan, maar in 1612 werd Lintgens failliet verklaard en hij stierf in 1616 als een berooid man.
De zaken van Anthony Moens moeten wel voorspoedig zijn gegaan. Hij handelde ondermeer in granen uit Rusland, alsook in koloniale produkten uit Brazilië. Dat deze handel hem rijkdom bracht, blijkt daaruit dat hij in 1631 werd aangeslagen voor een vermogen van liefst 320.000 gulden, waarmee hij behoorde tot de hoogstaangeslagenen van de stad. Om die reden is hij in 2006 ook met de 129ste plaats opgenomen in het overzicht van de 250 rijksten van de Gouden Eeuw. Of hij die rijkdom heeft kunnen behouden tot aan zijn overlijden in 1638 staat overigens niet vast; in gevonden archiefstukken wordt melding gemaakt van schuldeisers die voor het Hof van Holland processen voerden tegen de erfgenamen. Toch schijnt Anthony’s weduwe, zijn tweede echtgenote Sara van Tongerloo, na haar overlijden in 1642 een vermogen te hebben nagelaten van nog altijd ruim 200.000 gulden. Het is echter waarschijnlijk dat dit geld afkomstig was van haar eerste echtgenoot. Sara van Tongerloo, de stiefmoeder van Elsken, was een halfzuster van Cornelis van Tongerloo (1555-1617) die in 1609 door onze stamvader Jacques de Clercq senior (c1555-1609) op diens sterfbed was benoemd tot voogd over diens drie nog minderjarige kinderen, waaronder Jacques junior. In 1596 was zij getrouwd met de Amsterdamse, uit Harlingen afkomstige Jan Munter (1570-1617) en bij diens overlijden was het vermogen van deze succesvolle koopman eveneens ruim twee ton.
Alle bovengenoemde personen waren doopsgezind. Anthony Moens was in 1606 nog geen lidmaat van de Waterlandse doopsgezinde gemeente te Amsterdam, maar actief betrokken was hij wel. Met andere vooraanstaande doopsgezinden van die gemeente trad hij al op als getuige bij een verklaring over de grond bij de Jan Rodepoortstoren waarop kort daarvoor de vermaning van de gemeente was gebouwd. Pas in februari 1621 is Moens daadwerkelijk met de doop als lidmaat toegetreden.
Anthony’s stiefzoon Joan Munter (1611-1685), uit het eerdere huwelijk van Sara van Tongerloo, koos op religieus gebied echter een andere lijn. Hij trad toe tot de gereformeerde kerk en trouwde met Margaretha Geelvinck, dochter van een Amsterdamse burgemeester, waardoor deze elf jaar jongere stiefbroer van Elsken Moens terechtkwam in de hoogste regentenkringen. Naderhand bekleedde Joan ook zelf belangrijke functies, als bewindhebber van de VOC en commissaris van de Wisselbank; vanaf 1670 was hij verschillende malen burgemeester van de stad. In het Rijksmuseum bevindt zich van hem een levensgrote marmeren buste (zie afb.; voor vergroting en meer informatie klik hier)
Elsken had drie volle zusters en een volle broer. De laatste, Pieter Moens, stierf ongehuwd in 1652 op zijn buitenplaats in Heemstede. Zuster Wilhelmine Moens trouwde met Dirck van der Perre, zoon van een Middelburgse regent; deze dreef handel samen met zijn schoonvader Anthony Moens. Margaretha Moens was getrouwd met Cornelis Berck, van een doopsgezinde familie, die een aantal jaren als koopman in Livorno woonde en er ook de Nederlandse consul was. Later, na nog enige tijd als koopman in Amsterdam te hebben gewoond, was hij gedurende dertig jaar de drossaard en rentmeester der grafelijke domeinen van het eiland Ter Schelling. De jongste zuster Susanna trouwde eerst met de koopman Jan Jacobsz Hop, van een bekende Amsterdamse regentenfamilie, en na diens vroeg overlijden met de geneesheer Dr. Philips de Glarges, wiens vader raad en pensionaris van Haarlem was.
Genealogie
Genealogie
I.
Lieven Moens¸ twijnder aan de Walpoort te Gent, schepen ald. 1583, uitgeweken naar de Noordelijke Nederlanden, won. Middelburg en vervolgens Haarlem, overl. ald. tussen 1610 en 1617, tr. [1. Adrienne Gremier; tr. 2.?] Wilhelmina Strooks (de Roeck)
Uit dit huwelijk / deze huwelijken o.a.:
- Anthony, volgt IIa.
- Johan, volgt IIb.
II.
Anthony Moens, geb. Gent 1574, ged. A’dam (bij de Toren), eerst lijwatier (linnenkoopman) te Haarlem, later graankoopman te A’dam, won. Herengracht (nu nr. 52) (1622, 1631); in 1606 betrokken bij de stichting van de kerk bij de Toren, begr. Amsterdam (Oude Kerk) 25 mei 1638, tr. 1. (ondertr. Amsterdam (pui) 29 mei 1599) Margaretha Lintgens, dr. van Pieter Lijntgens, tr. 2. (ondertr. Amsterdam (pui) 14 apr. 1622 Sara van Tongerloo, geb. ca. 1578, won. 1613 Herengracht (nu 50-52), † 11 en begr. Amsterdam (Nieuwe Kerk) 15 april 1642, wed. van Jan Munter.
Uit het eerste huwelijk:
- Elsken Moens, geb. Amsterdam 1600, ged. ald. (doopsgez., de Toren) 9 febr. 1621, begr. ald. (Westerkerk) 9 aug. 1653, tr. 1. (ondertr. Amsterdam 9 nov. 1620) Claes Heerde, geb. Bremen ca. 1600, koopman te Amsterdam; tr. 2. Amsterdam 21 jan. 1635 Jacques de Clercq, geb. Haarlem 1598/99, koopman, ondermeer in as en textiel, in compagnie met Pieter de Clercq en Abraham Ampe jr. 1640-; woonde te Amsterdam 1620-1632, 1639-† en Haarlem 1632-1639; zetter van de prijs van zout en zeep ald. (1637), aalmoezenier van de gemene armen ald. -1639, begr. Haarlem (Grote Kerk) 7 nov. 1661, weduwnaar van Sara van Middeldonck.
- Wilhelmine Moens, geb. 1606, tr. (ondertr. Amsterdam (pui) 2 sept. 1626) Dirck van der Perre, geb. Middelburg 1602, koopman te Amsterdam, samen met broer Jan van der Perre eigenaar buitenplaats Zuiderwijk te Beverwijk 1634-‘42, begr. Amsterdam (Nieuwe kerk) 18 jan. 1670, zn. van Adriaan van der Perre.
- Pieter Moens, geb. ca. 1610, † Heemstede kort vóór 5 okt. 1652
- Margaretha Moens, geb. Amsterdam 1614, tr. (ondertr. Amsterdam (pui) 31 maart 1632) Cornelis Berck, geb. Dantzig ca. 1603, koopman te Amsterdam en Livorno, Nederlands consul ald. 1625-1633, drossaard en rentmeester der grafelijke domeinen van het eiland Westerschelling 1647-1677, † ald. 1677, zn. van Hans van Lochum alias Berck en Petronella Haeckx.
- Susanna Moens, geb. Amsterdam 1617, † 1644, tr. 1. Amsterdam (stadhuis) 3 mei (ondertr. ald. 2 apr.) 1637 Jan Jacobsz. Hop, geb. 1617, koopman op ’t eind van de Keizersgracht, “naest Sardam”, begr. Amsterdam (Westerkerk) 22 okt. 1639, zn. van Jacob en Rinsje Symons Fortuyn; tr. 2. Amsterdam 20 jan. (ondertr. ald. (kerk) 2 jan.) 1643 Dr. Philip de Glarges, geb. ca. 1615, arts te ’s-Gravenhage, vroedschap 1663- en schepen 1664-’65, 1668-’69 te Haarlem, † 31 okt. 1669, zn. van Gillis de Glarges en Wilhelmina Cooper; hij hertr. 1648 Cornelia Pietersdr. Verbeeck.
IIb.
Johan Moens, geb. Gent 1588/’89, † (aan de pest), begr. Haarlem (Nieuwe Kerk) 1636, 26 april tr. (ondertr. Amsterdam (kerk) 10 feb. 1617) Josyna Seys, geb. St. Winoxbergen (Bergues, Fr.) 1596/’97, † (aan de pest) 24 mei 1636, dr. van Pieter Seys en Grietje N.N.
Uit dit huwelijk:
- Johan (Jan / Gio) Moens, tr. Venetië N.N.
- [Michiel Moens]
- Pieter Moens, ongehuwd overleden.
- Levina Moens, tr. Adriaen Roos, wijnkoopman te Amsterdam
- Abraham Moens
Bronnen
Bronnen
Over Anthony Moens:
- K. Zandvliet, De 250 rijksten van de Gouden Eeuw (Amsterdam 2006), ald. onder nr. 129
Over Elskens grootvader Pieter Lintgens en haar oom Aernout Lintgens:
- J.W. IJzerman, ‘Een en ander over Pieter Lintgens’, in: Bijdragen tot de Taal-, Land en Volkenkunde van Nederlandsch Indië 84 (1928) 132 e.v.
- J.C. Mollema, De eerste schipvaart der Hollanders naar Oost-Indië, 1595-1597 (Den Haag 1936).
Over de familie Munter:
- Lemma ‘Jan Munter’ in: Nieuw Nederlands Biographisch Woordenboek
- J.E. Elias, Vroedschap van Amsterdam dl. II, 625-627
- J.G. de Hoop Scheffer, ‘De Brownisten te Amsterdam’, in: Verslagen en Mededeelingen van de Koninklijke Academie van Wetenschappen, Afd. Letterkunde, 2e reeks, 10e dl. (1881), 350 e.v.
